
Heeft uw kind veel stress voor toetsen, spreekbeurten of wedstrijden? Blokkeert het wanneer het moet presteren of is het bang om fouten te maken?
Faalangsttraining
Wat is faalangst?
Faalangst is de angst om fouten te maken, te mislukken of niet te voldoen aan verwachtingen. Kinderen met faalangst willen het vaak graag goed doen, maar ervaren zoveel spanning dat dit hun functioneren belemmert.
Faalangst kan zich op verschillende manieren uiten. Sommige kinderen krijgen last van buikpijn, hoofdpijn of slaapproblemen. Anderen vermijden bepaalde situaties, blokkeren tijdens toetsen of presentaties, of verliezen hun zelfvertrouwen wanneer ze een uitdaging aangaan.
De angst doet zich meestal voor in situaties waarin een prestatie wordt verwacht, zoals op school, tijdens sportactiviteiten, muzieklessen of sociale situaties.
Positieve en negatieve spanning
Een beetje spanning voor een toets, spreekbeurt of wedstrijd is normaal en kan zelfs helpen om alert en gemotiveerd te blijven. We spreken dan van gezonde of positieve spanning.
Wanneer de spanning echter zo groot wordt dat een kind minder goed presteert dan het eigenlijk zou kunnen, spreken we van negatieve faalangst. Kinderen kunnen dan blokkeren, een black-out ervaren, fouten maken door stress of situaties volledig vermijden. Op termijn kan dit een negatieve invloed hebben op het zelfvertrouwen en het zelfbeeld.
Hoe verloopt de training?
De faalangsttraining is bedoeld voor kinderen van 6 tot 12 jaar en bestaat uit vijf individuele sessies van telkens 30 minuten.
Tijdens de training werken we via psycho-educatie, gesprek, verhalen, spel en praktische oefeningen aan het verminderen van faalangst en het versterken van het zelfvertrouwen.
Na afloop ontvangt het kind een werkbundel met oefeningen, tips en hulpmiddelen om ook thuis verder mee aan de slag te gaan. Daarnaast wordt een feedbackgesprek met de ouders voorzien.
Wat leert uw kind tijdens de training?
Tijdens de training leert uw kind:
- begrijpen wat faalangst is;
- signalen van spanning en faalangst herkennen;
- gevoelens beter herkennen en benoemen;
- ontspanningstechnieken toepassen;
- inzicht krijgen in de relatie tussen gedachten, gevoelens en gedrag;
- negatieve gedachten herkennen;
- negatieve gedachten omzetten naar helpende en realistische gedachten;
- meer vertrouwen krijgen in de eigen mogelijkheden;
- oplossingsgericht denken en handelen;
- sterker omgaan met uitdagende situaties.
Doel van de training
Het doel van de training is niet om alle spanning weg te nemen. Een gezonde spanning hoort immers bij het leven. We leren kinderen om op een helpende manier met spanning om te gaan, zodat zij opnieuw met meer vertrouwen uitdagingen kunnen aangaan en hun talenten optimaal kunnen benutten.